Streuvels, Bartali en Van Wijnendaele

Tijdens mijn verblijf in Het Lijsternest, de voormalige woning van Stijn Streuvels, deed ik een mooie ontdekking. De Vlaamse schrijver was liefhebber van de koers. 

Ik heb het voorrecht twee weken te mogen logeren in schrijversresidentie Het Lijsternest in Ingooigem. Aan de schrijftafel achter een van de beroemdste ramen uit de literatuur – uitzicht op het golvende Vlaamse land en de Tiegemberg – kan ik in alle rust werken.

Een van mijn voorgangers schreef hier een boekje over Streuvels en diens liefde voor de fiets. Daarin schetst Patrick Cornillie hoe de gelouterde schrijver graag op zijn velo stapte voor een rondje door de omgeving, tot op hoge leeftijd zelfs. En meer dan eens stond hij langs de kant van de weg om de renners aan te moedigen. De Ronde van Vlaanderen passeerde hier voor zijn deur, eenmaal zelfs het WK – in 1957.

De koers Brussel-Ingooigem finishte op honderd meter van het huis. In 1952 overhandigde Streuvels de bloementuil aan winnaar Germain Derycke. Op Het Lijsternest ontving hij ooit Tour- en Girowinnaar Gino Bartali, toen die in het dorp logeerde. Karel Van Wijnendaele, grondlegger van de Ronde van Vlaanderen, was een graag geziene gast. Het bevestigt me in de overtuiging die ik al langer heb: literatuur en koers sluiten elkaar geenszins uit. Integendeel. Dit worden inspirerende weken.

Voorbeschouwing

Regelmatig kom ik in België en elke keer weer verbaast het me hoe beschamend weinig ik weet van het land, van de geschiedenis, de inwoners.

Voor de meeste Nederlanders zijn onze naaste buren vreemden, hun land een obstakel op de route naar zuidelijker bestemmingen. Dat alles zeer ten onrechte.

Met de jaren ben ik steeds een beetje meer van België gaan houden. Daarnaast houd ik van reizen, van schrijven, van geschiedenis, van fietsen – in het bijzonder van de koers. De beslissing om die liefdes samen te voegen was snel genomen, de werktitel volgde als vanzelf.

De Ronde van België zal het worden: een boek en een liefdesverklaring in een. Op de fiets trek ik door het land, een tocht van ruim 3600 kilometer. Het fietszadel is mijn observatieplatform. Onderweg noteer ik wat ik zie, wat me opvalt. Ik voer gesprekken, bezoek musea, schuif aan in kroegen en sta tussen de supporters als de koers voorbijkomt.

De proloog in Brussel rijd ik in april 2022, aansluitend volgen zeven etappes. In juni 2023 verwacht ik de hele route te hebben voltooid. Ja, ik neem de tijd. Het is geen wedstrijd met etappewinnaars en een klassement, mijn Ronde van België voert over trage wegen. In dit blog doe ik verslag, noem het een making-of. Een prelude op het boek dat naar verwachting in het voorjaar van 2024 zal verschijnen.